Christendom

Reïncarnatie - Peter van 't Riet
Vraag & Antwoord

Vraag : In zijn artikel Early Christian Teachings on Reincarnation beweert Rev. Monsignor Anthony Guagliardo dat reïncarnatie een centraal begrip was in de leer van het vroege christendom (het artikel is inmiddels van internet verwijderd). Wat vind je van zijn argumentatie? Verder vraag ik me af wat dan te denken van de proloog van het Johannesevangelie: "Het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond".

Antwoord : Het artikel van Guagliardo heb ik bekeken. Het gaat me te ver de argumentatie van Guagliardo uitgebreid te becommentariëren. In het algemeen valt mij op dat hij te werk gaat zoals veel theologen. Ze hebben een bepaalde opvatting en zoeken daar bijbelteksten bij die gemakkelijk in die opvatting zijn in te passen. Daardoor ontstaat de indruk dat die bijbelteksten een onderbouwing aan hun opvattingen geven. Maar als je die bijbelteksten beschouwt buiten de context van hun opvattingen, kun je die opvattingen er in het geheel niet uit afleiden.

Wellicht ontkom ik zelf ook niet altijd aan dat mechanisme, maar mijn poging is altijd uit te gaan van een analyse van de totale tekst van een bijbelboek en van de omstandigheden, waarin de schrijver zijn tekst naar alle waarschijnlijkheid geschreven heeft. Alleen dan kun je zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke betekenis/bedoeling van de tekst komen. Dat is vaak een moeizame weg en mijn werk zal daarom ook nooit erg populair worden.

Reïncarnatie
Wat reïncarnatie betreft, dat kom ik nergens in de Bijbel tegen. Guagliardo natuurlijk wel, omdat hij overal het woord "opstanding" met "reïncarnatie" vertaalt. Maar mijn studie van het toenmalige Jodendom en van het Nieuwe Testament geeft mij daar geen enkele aanleiding toe.

Reïncarnatie is een Oosters begrip geworteld in een wereldbeschouwing, waarin de mens onderworpen is aan een bovennatuurlijke cyclus van levens, waar hij zich doorheen moet worstelen om zich uiteindelijk van het aardse, materiële bestaan te bevrijden. Het is een wijze van denken die in het algemeen gepaard gaat met een negatieve beoordeling van het materiële bestaan hier op aarde, dat eenzijdig wordt opgevat in termen van zonde, overtreding en onreinheid. Dat merk je ook duidelijk aan de wijze waarop Guagliardo daarover schrijft.

De verbetering van de wereld
De joodse levensbeschouwing, die ook aan de evangeliën ten grondslag ligt, gaat daarentegen uit van de individuele mens met zijn persoonlijke verantwoordelijkheid voor zijn eigen aardse bestaan, voor de gemeenschap en voor de schepping. Het gaat in het leven niet om het ontstijgen aan de wereld, maar om de tikoen olam, de verbetering van de wereld, dat wil zeggen van deze materiële wereld waarvan Genesis 1 zeven keer zegt dat God die goed (tov) genoeg vond om ermee verder te gaan. De nadruk ligt dan veel minder op het negatieve aspect van de werkelijkheid en veel meer op de positieve mogelijkheden van het menselijk leven.

De oude rabbijnen maken zich bovendien niet druk over het leven voor de geboorte en na de dood. Zij staan kritisch tegenover al te veel mystiek. In het kader van een discussie over mystiek luidt een midrasj dat vier geleerden het paradijs binnengingen, waarna er slechts één ongeschonden uit te voorschijn kwam. Mystiek wordt niet afgewezen, maar wel "aan banden gelegd." Het leven hier en nu is het doel van Gods schepping.

Zowel de Tora als de Talmoed gaan voor het grootste deel over het dagelijks leven hier op aarde. Je zult begrijpen dat ik op grond van mijn studie van het oude Jodendom en van het joodse karakter van de evangeliën niet zoveel heil zie in esoterische beschouwingen, die in mijn ogen fictieve scheppingen op de schepping construeren.

Vleeswording
Over de uitdrukking "het woord is vlees geworden" heb ik geschreven in mijn boek Het evangelie uit het leerhuis van Lazarus, hoofdstuk 29. Wellicht dat je daar het antwoord op je tweede vraag kunt vinden.

 


This is the website of Peter van 't Riet