Ooit vertelde een dame van christelijke huize mij over de Seder die zij voor de eerste keer in haar leven had meegemaakt in een joodse gemeente. Ze zei met hoorbare verwondering in haar stem: “Ik dacht dat ik naar een viering ging, maar ik kwam op een feest!” En inderdaad, de Seder is méér dan een religieuze viering. Niet alleen wordt er gelezen en gezongen, ook worden er symbolische handelingen verricht met rituele voorwerpen, er wordt gegeten en gedronken, gepraat en gelachen. Soms ontstaat er tijdens het zingen een vrolijke rivaliteit tussen het ene en het andere einde van de tafel. Matses, groenten, mierikswortel en wijn spelen een belangrijke rol. Een van die symbolische handelingen betreft de beker met wijn die wordt klaargezet voor de profeet Elia. Het is een beker die bij nadere beschouwing met enige raadsels omgeven blijkt te zijn.
Elia, de aankondiger van de Messias
In het bijbelboek Maleachi (letterlijk ‘Mijn bode’) wordt Elia voorgesteld als de boodschapper die ooit tot Israël zal terugkeren “voordat de grote en geduchte dag van de Eeuwige komt.” In Farizese kringen – zij waren de voorlopers van de latere rabbijnen – werd die uitdrukking opgevat als aanduiding voor de komst van de Messias. Elia kreeg zo een temperende functie tegenover al te gespannen mes-siasverwachtingen. Wie beweerde dat zijn Toraleraar of aanvoerder de Messias was, kreeg de vraag voorgeworpen of Elia soms al gekomen was? Het is een problematiek die we ook in de evangeliën aantreffen. Echter, de messiasverwachting moet wel getemperd, maar niet gedoofd worden. Daarom is de hoop op de komst van Elia altijd blijven bestaan in het Jodendom, juist om de hoop op de komst van de Messias levend te houden. Dat is een typisch joodse benadering: het verlangen naar de ideale wereld in leven houden en je tegelijk realiseren dat die paradijselijke wereld nog wel eens een poosje op zich kan laten wachten, omdat het nog lang zover niet is. Daarvan getuigt ook de beker van Elia tijdens de Seder. Maar wat is er nu zo raadselachtig aan die beker?
Raadsel 1 – De beker voor Elia ontbreekt in de Misjna
In het na-bijbelse standaardwerk de Misjna (ca. 200 CJ), de kern van wat later de Talmoed (500 à 600 CJ) zou worden, wordt de Sederliturgie tamelijk uitgebreid besproken (M. Pesachiem 10:1-9). Alle vier traditionele bekers worden daarin genoemd, maar de beker voor Elia komt er niet in voor.[1]
Raadsel 2 – Elia wordt nauwelijks genoemd
De Haggada is de tekst van de Sederliturgie, waarin alle gebeden, liederen, gelezen teksten en liturgische handelingen zijn opgenomen. Het tweede raadsel is nu dat de naam van Elia in de Haggada nauwelijks voorkomt. Terwijl de beker voor Elia een eervolle plaats op de Sedertafel inneemt en tijdens de ceremonie de deur wordt geopend om de profeet te verwelkomen als brenger van verlossing en vertroosting, wordt zijn naam in de tekst van de Haggada slechts één keer genoemd. En dan nog alleen in het Dankgebed na de maaltijd, zoals dat het hele jaar door bij elke maaltijd gebeden wordt.[2] Uit dit en het vorige raadsel is af te leiden dat de beker van Elia niet tot de oudste vorm van de Seder behoort, maar in de loop der eeuwen aan de liturgie is toegevoegd. Het is zelfs de vraag of deze beker wel nodig is om een “koosjere” Seder te kunnen vieren.
Raadsel 3 – Een Seder zonder beker voor Elia
Wie op zoek gaat naar de beker van Elia komt voor verrassingen te staan. In het boek Jom Jom van D. Hausdorff (1984), waarin Pèsach en de Seder uitgebreid beschreven en toegelicht worden, komt men de beker van Elia niet tegen.[3] Ook in Hausdorff’s bewerking van de Haggada met toelichting is de beker van Elia spoorloos.[4]
David Hausdorff was een Rotterdamse orthodox-joodse arts die de oorlog had overleefd in de onderduik en zich na de oorlog inspande om het joodse leven in zijn stad weer tot bloei te brengen. Dat deed hij o.a. door het boek Jom Jom (‘Elke dag’, ‘Dagelijks’) te schrijven om de joodse jeugd te onderwijzen.[5] Het kan bijna niet anders dan dat hij de beker van Elia bewust heeft weggelaten. Zou het iets te maken kunnen hebben met het feit dat Hausdorff zijn hele leven tegen de oprichting van de staat Israël is geweest? Hij vond, evenals veel orthodoxe joden in die tijd, dat daarmee gewacht moest worden tot de komst van de Messias. De staat Israël zou een provocatie aan de Messias zijn om onmiddellijk te komen zodra de joodse staat in levensgevaar verkeerde. Was het achterwege laten van Elia’s beker ook voor hem een poging om een al te hooggespannen Messiasverwachting rondom de prille staat Israël te temperen? Het laat in elk geval zien dat deze beker een minder vast onderdeel van de Seder is dan vaak wordt aangenomen. Hoe zit dat in andere Haggada’s?
De beker van Elia in de na-Seder
De Sedermaaltijd is verdeeld in de zogenaamde voor-Seder, de eigenlijke Sedermaaltijd en de na-Seder. Als de beker van Elia wel is opgenomen in een Haggada – en dat is in de meeste het geval – dan in het algemeen na de eigenlijke maaltijd als men bij het begin van de na-Seder is gekomen. Behalve de beker van Elia spelen dan zes onderdelen van de liturgie een rol (in de volgorde van de Haggada van Hausdorff):[6]
1. De derde beker wordt leunend gedronken. Dat is de beker die is ingeschonken aan het eind van de eigenlijke maaltijd, voordat men het Dankgebed uitspreekt. Deze beker wordt na de laatste woorden van het Dankgebed leunend gedronken.
2. Het openen van de deur. Als reactie op de vervolgingen en mishandelingen in de Middeleeuwen, waarbij de joden ervan beschuldigd werden hun matses te hebben bereid met het bloed van niet-joodse kinderen, werd een vervloeking over de vijandige volken aan de Sederliturgie toegevoegd. Die werd en wordt nog altijd uitgesproken met geopende deur om te laten zien dat men die avond niet bang is voor antisemieten. Men gaat ervan uit die avond onder speciale goddelijke bescherming te staan. De achtergrond kan echter ook praktisch zijn geweest, dat men zich ervan wilde vergewissen niet door spionnen te worden afgeluisterd.
3. De vervloeking over vijandige volken. Met geopende deur zegt men: “Stort Uw toorn uit over de volken die U niet erkennen, en over de machten die U niet aanroepen. Want zij trachten Jacob uit te roeien en hebben zijn woonplaats verwoest (Psalm 79:6 en 7). Stort Uw toorn over hen uit en tref hen met Uw laaiende woede (Psalm 69:25). Vervolg hen met Uw toorn en vaag hen weg van de aardbodem, Eeuwige (Klaagliederen 3:66).”
4. De deur wordt weer gesloten.
5. De vierde beker wordt ingeschonken. Deze beker is ter ere van het tweede deel van de Hallelpsalmen (Psalm 115-118) dat hierna volgt.
6. Zingen van het tweede deel van het Hallel en de andere liederen van de na-Seder. Het eerste deel van het Hallel (Psalm 113 en 114) is al voorafgaand aan de eigenlijke maaltijd gezongen tijdens de voor-Seder. Het tweede deel volgt nu aan het begin van de na-Seder. In de loop der eeuwen zijn daar liederen aan toegevoegd om de feestavond nog wat te kunnen verlengen. De vierde beker wordt gedronken voorafgaand aan het slot van de gehele Seder.
Het is nu opvallend dat het vullen van de beker van Elia niet in elke Haggada op dezelfde plek plaatsvindt. Daarvan diverse voorbeelden. Ook dat wijst erop dat de beker van Elia een latere toevoeging aan de Sederliturgie is.
De plek van Elia’s beker in de Haggada
In de Nederlandse geïllustreerde uitgave De Haggada van Pesach, uitgegeven door Palphot in Herzlia in Israël, is weliswaar de vertaling van Hausdorff gebruikt, maar kennelijk hebben de redacteuren nu de beker voor Elia toegevoegd. Ook hebben zij het vullen van de vierde beker verplaatst. De volgorde is hier: drinken van de derde beker (1), inschenken van de vierde beker (5), inschenken van de beker van Elia, openen van de deur (2), etc.[7]
In The Haggadah van Rabbi Joseph Elias, die ook deze laatste volgorde heeft, wordt gesteld dat de beker voor Elia ook aan het begin van de Seder kan worden ingeschonken. Dan staat die beker gedurende de hele maaltijd onaangeroerd op tafel.[8]
In de Passover Haggadah Shalom of Safed is de volgorde gelijk aan die van Hausdorff met dien verstande dat de beker voor Elia wordt ingeschonken direct na het drinken van de derde beker. De volgorde is dan: drinken derde beker (1), inschenken van de beker voor Elia, openen van de deur (2), vervloeking (3), deur sluiten (4), inschenken vierde beker (5) etc.[9]
In de Haggada sjel Pesach van Arthur Szyk met Engelse bewerking door Cecil Roth is de volgorde weer net iets anders dan in de vorige Haggada’s: drinken derde beker (1), inschenken van de beker voor Elia, openen van de deur (2), inschenken van de vierde beker (5), vervloeking (3), etc.[10]
In De brede Haggada tot slot, een Nederlandse liberaal-joodse uitgave, is de volgorde: drinken van de derde beker (1), openen van de deur (2), inschenken van de beker van Elia, keuze uit de vervloeking over de volken (3) of het uitspreken van een alternatieve tekst, sluiten van de deur (4), inschenken van de vierde beker (5), etc. Waarschijnlijk hebben liberale joden moeite met de harde woorden van de vervloeking bij punt 3 en hebben zij een tekst ontworpen die wat volkenvriendelijker is. Die alternatieve tekst bevat namelijk niet alleen kritische noten aan het adres van vijandige volken, maar spreekt ook het verlangen uit naar een messiaanse vrede voor alle mensen.[11]
Waar komt de beker van Elia vandaan?
De beker van Elia heeft een voorgeschiedenis.[12] Ooit, in de Talmoedische tijd, is er een meningsverschil geweest tussen de rabbijnen over de vraag of er tijdens de Seder vier of vijf bekers wijn gedronken moesten worden. Het meningsverschil kwam voort uit het aantal uitdrukkingen voor ‘bevrijding’, dat gevonden wordt in Exodus 6:5-7. Dat zijn er vier: “Ik zal jullie uitleiden…, Ik zal jullie redden…, Ik zal jullie verlossen…, Ik zal jullie aannemen.” Voor elk van de vier zou er een beker wijn gedronken moeten worden. Maar anderen wezen erop dat er in dezelfde passage nog een vijfde bevrijdingswoord wordt aangetroffen, te weten “Ik zal jullie brengen naar het land.” Daardoor rees er onzekerheid of er niet een vijfde beker moest worden gedronken. Men kwam niet tot een oplossing.
Nu hing men in die tijd de traditionele opvatting aan, dat alle onopgeloste halachische (joods-wettelijke) problemen ooit zouden worden opgelost als Elia kwam. Zo ontstond, als een voorlopig compromis, de gewoonte om de vijfde beker – die toen nog niet voor Elia bestemd was – wel te vullen, maar niet te drinken.[13] Daarna werd deze beker verbonden met het verhaal van Elia’s hemelvaart in een vurige wagen (2 Kings 2:11), en met het geloof in zijn wederkomst als aankondiger van de messiaanse tijd (Maleachi 3:23). Omdat Pèsach het feest van de verlossing bij uitstek is, geloofde men bovendien dat Elia zou terugkomen in het ‘seizoen van de bevrijding’ om de verlossing aan te kondigen. Zo ontstond het idee dat de vijfde beker gevuld werd om Elia te verwelkomen, de profeet die elk joods huis in de Pèsachnacht zou bezoeken.
Een van de opvattingen over de wederkomst van Elia was dat hij op de avond van Pèsach zou terugkeren in de gedaante van een reizende vreemdeling. Zo kon hij zich in cognito onder ons bevinden alvorens zich te openbaren. Daaruit kwam de gewoonte voort buitenstaander uit te nodigen om de Seder mee te vieren en hen gastvrij te ontvangen op die avond.[14] Wie weet zou een van hen de onzichtbare Elia blijken te zijn. Zo hebben veel niet-joden kennis kunnen maken met de Seder en met de beker voor Elia.
De plek van de beker in de Haggada
Vermoedelijk werd de vijfde beker oorspronkelijk – nog niet bestemd voor Elia – gevuld aan het begin van de Seder, zoals sommigen nog steeds doen (zie hierboven). In vroege rabbijnse geschriften wordt deze beker echter ook wel verbonden met het zingen van het Hallel (Psalm 113-118),[15] waarvan zoals we zagen de eerste helft vóór en de tweede helft na de eigenlijke maaltijd plaatsvindt. Toen echter in de Middeleeuwen het ritueel met de open deur direct na de maaltijd ontstond, ging men dit ritueel verbinden met de gedachte aan Elia’s wederkomt. De deur zou voortaan worden opengezet om de profeet binnen te laten, en de vijfde beker kreeg de functie om Elia te verwelkomen. Daarom is het vullen ervan waarschijnlijk verplaatst van eerder op de avond naar het begin van de na-Seder. Maar, zoals de Haggada van Hausdorff laat zien, men kan de Seder ook nog steeds vieren zonden de beker voor Elia.
Tot slot
In sommige joodse gemeenten is het gewoonte om de kinderen aan te moedigen de vijfde beker nauwkeurig in de gaten te houden om te zien of de onzichtbare profetische bezoeker een slokje uit zijn beker heeft gedronken. Als blijkt dat de wijn niet is afgenomen, wordt de kinderen geleerd geduldig af te wachten tot volgend jaar onder het motto: “Al blijft hij uit, ik zal elke dag op zijn komst wachten.”[16]
Noten
1. S. Hammelburg, De Misjna, Hebreeuwsche gepunctueerde tekst met vertaling, verklaring en inleidingen in het Nederlandsch, Deel II, Seder Mo’ed, NIK, Amsterdam, 1977.
2. Philip Goodman, The Passover Anthology, The Jewish Publication Society of America, Philadelphia, 1973, 1st Ed., 6th Imp., p. 379.
3. D. Hausdorf, Jom Jom voor de joodse jeugd in Nederland, NIK, 1984, 4e druk.
4. Uitgave van het NIK uit 1976.
5. Voor een levensbeschrijving van David Hausdorff zie: https://www. joodserfgoedrotterdam.nl/dr-david-hausdorff-halte-hausdorff/.
6. Hausdorff, 1984, p. 67 e.v.
7. Uitgeverij Palphot Ltd. in Herzlia, Israël (zonder jaartal). De gebruikte vertaling is van D. Hausdorff, maar de uitgave is in elk geval van na 1990, zijn jaar van overlijden. Hij wordt erin herdacht met de Hebreeuwse afkorting Zajin-Lamed (“de herinnering aan hem zij tot zegen”). De beker van Elia is kennelijk aan zijn vertaling toegevoegd op pagina 41-42.
8. J. Elias, The Haggadah, Passover Haggadah with Translation and a new Commentary Based on Talmudic, Midrashic and Rabbinic Source, Mesorah Publications, New York, 1978, 2nd Edition, p. 175.
9. Daniel Doron, Passover Haggadah Shalom of Safed, New York and Tell-Aviv, 1992, pagina’s ongenummerd.
10. A. Szyk & C. Roth, Haggadah sjel Pesach/The Haggadah, Massada-Press, Jerusalem, zonder jaartal.
11. J. Rookmaker e.a., De brede Haggada, Stichting Sja’ar, Amsterdam, 2011, p. 17c, 18c-19a.
12. Encyclopaedia Judaica, Jeruzalem, 1974, onder: Elijah, Cup of.
13. bT Pesachiem 118a; Maimonides, Yad, Chametz oe-Matzah 8:10.
14. Jay Weinstein, A Collector’s Guide to Judaica, Thames and Hudson, Londen, 1985, p. 150.
15. Isaac Levy, A Guide to Passover, Jewish Chronicles Publications, Londen, 1969, 5th Imp., p. 52.
16. Idem.